Waarom pasvorm per merk zo verschilt

Je kent het vast: je draagt maat 38, maar bij het ene merk zoals JC Sophie of 10Days zit die perfect en bij het andere voelt dezelfde maat ineens te strak, te kort of juist vormloos. Dat is geen toeval en ook geen “probleem met jouw lichaam”. De waarheid is simpel: maat is geen universele waarheid – pasvorm is een keuze.

Maat is een richtlijn, geen afspraak

Hoewel kledingmaten genummerd zijn, bestaat er geen wereldwijd vastgestelde standaard voor hoe een maat precies moet vallen. Elk merk hanteert zijn eigen maattabellen, gebaseerd op een ideaalbeeld van het lichaam dat zij voor ogen hebben.

Sommige merken ontwerpen hun kleding voor een slank en recht silhouet, andere juist voor meer rondingen of lengte. Daardoor kan een maat 38 bij merk A strak aanvoelen en bij merk B losjes vallen, terwijl het label hetzelfde zegt.

Elk merk ontwerpt voor een ander lichaam

Achter elk kledingmerk schuilt een duidelijke visie. Niet alleen op stijl, maar ook op wie de drager is. Is dat iemand die houdt van een oversized look? Iemand die comfort belangrijker vindt dan trends? Of iemand die een vrouwelijke, aangesloten pasvorm zoekt?

Ontwerpers kiezen bewust voor een bepaalde basisvorm, een zogenoemd fit model. Dat model bepaalt hoe schouders vallen, waar de taille zit en hoeveel ruimte er is bij heupen of bovenarmen. Die keuzes zie je terug in álle collecties van dat merk.

Daarom voelt het ene merk “altijd goed” en het andere eigenlijk nooit.

Land van herkomst maakt verschil

Ook het land waarin een merk is ontstaan speelt mee. Scandinavische merken ontwerpen vaak voor langere, slankere lichamen en kiezen voor een rechte belijning. Zuid-Europese merken leggen juist meer nadruk op taille en vormen. Nederlandse merken zitten daar vaak tussenin, met een focus op draagbaarheid en comfort.

Zelfs als twee merken dezelfde maatvoering gebruiken, kan de pasvorm daardoor totaal anders aanvoelen.

Stofkeuze beïnvloedt hoe iets valt

Pasvorm draait niet alleen om snit, maar ook om materiaal. Een blouse van stug katoen valt anders dan dezelfde blouse van viscose of stretchstof. Merken die veel met soepele materialen werken, kunnen strakkere snits toepassen zonder dat het oncomfortabel voelt.

Daarom kan een jurk in jouw maat bij het ene merk fijn meebewegen, terwijl die bij een ander merk juist beperkend aanvoelt – ondanks dat de afmetingen op papier vergelijkbaar zijn.

Trends spelen ook een rol

Mode is continu in beweging, en pasvorm beweegt mee. In periodes waarin oversized en relaxed populair zijn, vallen kledingstukken ruimer. In tijden waarin vrouwelijke silhouetten de boventoon voeren, zie je meer aangesloten modellen.

Merken volgen trends, maar interpreteren ze op hun eigen manier. De een blijft trouw aan zijn herkenbare fit, de ander past zich sneller aan. Dat verklaart waarom je bij sommige merken jarenlang dezelfde maat draagt, terwijl je bij andere ineens moet schakelen.

Het ligt niet aan jou

Misschien wel het belangrijkste om te onthouden: als iets niet goed zit, betekent dat niet dat jouw lichaam “afwijkt”. Het betekent simpelweg dat het ontwerp niet voor jouw lichaam gemaakt is.

Wanneer je eenmaal merkt welke merken aansluiten bij jouw vorm, houding en voorkeur, wordt kleding kopen een stuk makkelijker – en leuker.

Pasvorm is persoonlijk

Uiteindelijk draait het niet om het maatlabel, maar om hoe jij je voelt in wat je draagt. Merken verschillen omdat mensen verschillen. En juist die variatie maakt dat er altijd een merk is dat wél klopt voor jou.

Voeg toe aan je favorieten: Permalink.

Reacties zijn gesloten.